Marco Duyvendijk van

 

Photographs
14-05-2006 - 11-06-2006
Opening: 14-05-2006 from 16:00 - 18:00
Rotterdam, both rooms
Marco van Duyvendijk liet zich voor wat China betreft inspireren door het 18e eeuws Chinees behang dat aanwezig is in landhuis Oud-Amelisweerd (1770), gelegen net buiten Utrecht. Hij reisde naar de Zuid-Chinese stad Guangzhou, het voormalige Kanton, waar het behang oorspronkelijk is geschilderd. In deze metropool van zeven miljoen inwoners maakte de fotograaf een fotoserie die een spel van overeenkomsten en contrasten met het Chinese behang vormt. In de betonnen jungle van deze stad maakte de fotograaf een serie waarbij met oog voor detail naar het dagelijks leven in Zuid-China wordt gekeken. In verstilde, met vlagen melancholieke foto's, schetst de fotograaf een divers beeld van de stad waarin tradities en moderniteit, natuur en verstedelijking op eigen wijze naast elkaar lijken te staan. Portretten worden afgewisseld met documentaire, soms bijna filmische beelden.

Op uitnodiging van het Consulaat van Mongolië verbleef hij in de winter van 2003 en de zomer van 2004 in Mongolië. Mongolië is een land in ontwikkeling: het worstelt met de nasleep van de Communistische periode, maar richt zich ook op met vernieuwde interesses en voorkeuren. Zo is het land sterk verbonden met de boeddhistische spiritualiteit en worden de banden met andere Aziatische landen aangehaald. Tegelijkertijd worden eeuwenoude Mongoolse tradities in ere gehouden met een onvoorwaardelijke toewijding. Deze verscheidenheid van invloeden, de nog zichtbare herinneringen aan voorgaande periodes in de Mongoolse geschiedenis en de ontwikkeling van jongeren in een nieuwe maatschappij vormden de leidraad van het fotoproject. Van de kunsten van de slangenmeisjes, die de grenzen van het fysiek mogelijke aftasten, tot het leven in de vervallen buitenwijken van Ulaan Baatar. Van de Kazachse adelaarjagers in West-Mongolië tot de alternatieve jongerencultuur in Ulaan Baatar. Van de sereniteit en devotie van de kindmonniken in de Boeddhistische kloosters tot de rauwe realiteit van de zware industrie en mijnbouw. Al deze elementen maken volgens de fotograaf het hedendaagse Mongolië.

Behalve deze al eerder gemaakte foto's uit China en Mongolië, zal Marco van Duyvendijk bij Cokkie Snoei een nieuwe serie - nog te maken - foto's laten zien over de Taiwanese ‘Betel Nut Beauties'.

In Azië wordt naast cafeïne en nicotine, de betelnoot als een vergelijkbaar genotsmiddel gezien. Hoewel betelnoten in grote delen van Azië worden geconsumeerd, is de populariteit ongekend groot in Taiwan. Dat deze miljoenenindustrie begin jaren negentig een vlucht heeft genomen is voor een groot deel te begrijpen door een uniek Taiwanees fenomeen: Binlang Xishi, of in het Engels: de Betel Nut Beauties. Deze meisjes, verantwoordelijk voor het grootste deel van de betelnoot verkoop, ontlenen hun naam aan Xi Shi: het legendarische toonbeeld van Chinese schoonheid. Xi Shi was een dochter van een theehandelaar ergens in de periode van 770 en 474 voor Christus. Volgens de legende was ze één van de vier mooiste vrouwen die China ooit heeft gekend. Ze had een schoonheid die zo betoverend was dat ze een corrupt keizerrijk ten val kon brengen.

De Betel Nut Beauties gebruiken hun schoonheid tegenwoordig vooral om hun product te verkopen. In glazen hokjes langs de kant van de weg dragen de Betel Nut Beauties opvallende en weinig verhullende kleding om zo de aandacht van automobilisten te wekken. Het aantal Betel Nut kiosken in Taiwan wordt op ongeveer 100.000 geschat. Het fenomeen heeft in Taiwan daarom regelmatig tot verhitte debatten geleid: zijn de Betel Nut Beauties een teken van moreel verval van de samenleving of is het juist elke poging van de overheid om met kledingvoorschriften te komen een vorm van onderdrukking van de vrijheid van individuele rechten? Is het een schaamteloze exploitatie van vrouwelijke schoonheid of een teken van zelfexpressie van een zelfbewuste jonge Taiwanese generatie? Zo lang er Betel Nut Beauties zijn, zal het debat blijven voortduren.

Marco van Duyvendijk plaatst in zijn fotoserie de Betel Nut Beauties in de hoofdrol. Met een echo uit het verleden waarin Xi Shi het toonbeeld was van vrouwelijke schoonheid, gaat hij in het verstedelijkte landschap van Taipei op zoek naar de moderne wereld van de Betel Nut Beauties. Met de serie portretten van Betel Nut Beauties onderzoekt hij het spanningsveld tussen berekenend en verleidelijk, tussen gezien willen worden en bekeken worden, tussen het individu en een samenleving, tussen zelfbewustzijn en imago.

Marco van Duyvendijk (1974) heeft zich de afgelopen jaren met zijn fotografie gericht op het leven in Centraal- en Oost-Europa, waarbij de nadruk ligt op Roemenië. In de zomer van 2003 is een selectie van dit werk vertoond in Huis Marseille in Amsterdam. Recentelijk reisde hij door verschillende landen in Azië. In de nazomer van 2005 hield het Centraal Museum te Utrecht de tentoonstelling ‘de Chinese kamers' in landhuis Oud-Amelisweerd. De foto's van Mongolië zijn eerder geëxposeerd in de Melkweg Galerie te Amsterdam. Tevens verscheen het fotoboek ‘Mongolia', (Artimo, isbn 90-8546-035-2). Zijn werk wordt regelmatig gepubliceerd in de Volkskrant.